De hazelnoot is de vrucht van de hazelaar (Corylus avellana) waarvan de kern eetbaar is. De hazelaar is een van oorsprong West-Europese struik of boom uit de berkenfamilie (Betulaceae). De hazelnoot is een dopvrucht met één zaad dat is omhult met een houtachtige vruchtenwand. Naarmate de noot langer rijpt, des te harder en dikker wordt de vruchtwand. Hazelnoten hebben geen vruchtvlees, maar een eetbare pit.

De noot is rond van vorm, wit van kleur en heeft een bruine zaadhuid of vlies. Om de noot te kunnen gebruiken moet eerst de harde vruchtenwand worden gekraakt. Het verwijderen van het vlies gaat het gemakkelijkste direct na het oogsten, omdat de noot nog vochtig is. Hierna zal het vlies indrogen en wordt het vlies moeilijker te verwijderen. Het blancheren of bruneren van de noten zorgt dat het vlies gemakkelijker loslaat.

Hazelnoten worden zowel geblancheerd, geroosterd, heel, half, in stukjes als geschaafd verkocht. Deze stukjes kunnen variëren van 1-12 mm. Hele noten komen voor met of zonder vlies, maar ook is er gesuikerd hazelnootkrokant verkrijgbaar voor de decoratie van banketproducten. Gebruneerde hazelnoten kunnen zowel in brood- als banketproducten worden verwerkt.