Maak de borstplaatvormen schoon en zet ze in koud water. Maak de borstplaattrechter schoon en zet op een warme plek.
Kook de suiker/wateroplossing in een kookpan tot een suikerstroop tussen de 92-110°R (Réamur).
Zet ondertussen de borstplaatvormen uit op in water geweekt siliconenpapier. Zorg dat de vormen voldoende zijn uitgelekt. Verwarm de trechter.
Eventuele vruchtenpuree voor vruchtenborstplaat en slagroom voor roomborstplaat kunnen op 98°R kort worden meegekookt.
Voeg fondant en eventuele smaak- en kleurstoffen toe, zoals chocoladecouverture of mokkaextract, en roer het geheel goed door. Roer goed langs de zijkanten van de pan, omdat hier snel grove kristallen kunnen ontstaan. Hoe fijner de uiteindelijke kristallen, des te zachter de borstplaat.
Grote borstplaat kan vanuit de pan in de vorm worden gegoten. Voor kleine borstplaat de voorverwarmde trechter gebruiken.
Zodra de borstplaat afgekoeld en voldoende stevig is geworden, kan deze uit de vormen gelost worden op schoon papier. Draai na het lossen de plakken om, om de onderkant te laten drogen.

Garnituren kunnen onder in de lege vormen worden gelegd, na het vullen op de nog zachte borstplaatmassa worden gelegd of fijn gesneden door de massa worden gemengd.


Gerelateerde onderwerpen

Niet gevonden wat je zocht?

Laat het ons weten en we schrijven zo snel mogelijk een artikel over jouw vraag.

Stel je vraag