Een stroopwafel bestaat uit een koek die wordt opengesneden met daartussen een vulling van stroop of siroop. Het proces gaat als volgt:

  • Maak van de grondstoffen voor het deeg een zetdeeg. In dit zetdeeg kan een klein deel stroop worden verwerkt voor extra smaak en het gemakkelijker kunnen mengen.
  • Laat het deeg rusten.
  • Bereid de stroop of siroop en zorg dat deze op een warme temperatuur wordt gehouden om het goed te kunnen verwerken.
  • Verdeel het deeg in rollen en snijd hier gelijke schijfjes van. Hoe groter het schijfje, des te groter de doorsnee van de wafel. Voor een doorsnee wafel kan uitgegaan worden van 20 gram per deegschijfje.
  • Bak de schijfjes deeg op een speciaal stroopwafelijzer tot deze goudbruin zijn.
  • Steek de wafels uit voor een mooiere en rechtere rand en snijd ze doormidden. Dit gaat het beste wanneer de wafels nog warm zijn. Bij afkoelen worden ze hard en zullen daardoor sneller breken.
  • Spuit stroop op het midden van de doorgesneden wafel, leg de bovenkant erop en druk voorzichtig aan.
  • Laat de stroopwafels afkoelen en verpak ze.

Gerelateerde onderwerpen

Niet gevonden wat je zocht?

Laat het ons weten en we schrijven zo snel mogelijk een artikel over jouw vraag.

Stel je vraag