Mouten is het kunstmatig laten kiemen van graansoorten en wordt voornamelijk toegepast op gerst en tarwe. Bij de productie van mout wordt het graan gereinigd, waarbij vreemde delen worden verwijderd. Het wordt gewassen en vervolgens enkele uren geweekt totdat ±45% aan water is opgenomen. Het geweekte graan wordt ±7 dagen in een kiemtrommel geplaatst bij een temperatuur van 12-14°C met een krachtige luchttoevoer en goede luchtvochtigheid. Latent aanwezige enzymen worden geactiveerd en nieuwe enzymen worden gecreëerd. Het product dat ontstaat wordt groenmout genoemd.

Hierna wordt het eesten toegepast. Onder verlaagde druk voor ±16 uur bij ±80°C wordt het kiemproces stopgezet en het vochtgehalte teruggebracht van 45% naar 4%. De gedroogde mout wordt gepoetst, waarbij verdroogde wortels en stengels worden verwijderd. Dit product wordt de eestmout genoemd en is de basis voor andere moutproducten. Gekoeld in silo’s is het enkele jaren houdbaar.

Voor moutmeel wordt de eestmout uitgemalen door middel van een walsenstoel. De eestmout kan ook worden geroosterd voorafgaand aan het malen, waardoor gebrande mout ontstaat. Moutextract ontstaat door eestmout te schroten, hier met water een beslag van te maken, te klaren en het vervolgens onder verlaagde druk te indampen. De weektemperatuur bepaalt hierbij de enzymactiviteit.