Omeletteschuim wijkt zowel in de grondstoffen als het uiteindelijke gebruik af van andere schuimsoorten. Het wordt uitsluitend als schroeischuim gebruikt.

Een hazelnootschuim wordt bereid uit de volgende grondstoffen:

  • Eiwit. Dit vormt de basis van het schuim. Er worden twee delen eiwit in het schuim gebruikt.
  • Castormelis. In vergelijking met andere soorten schuim wordt er minder suiker gebruikt, waardoor de stabiliteit van het schuim wordt beïnvloed. Er worden drie delen castormelis gebruikt die als schiftsuiker fungeren.
  • Eidooiers. De eidooiers zorgen voor hoge smakelijkheid van het schuim, maar benadeelt de stabiliteit. Er wordt één deel eidooiers in het schuim gebruikt.
  • Vanille. Dit kan als extra smaakstof in suikervorm aan het schuim worden toegevoegd. De smaak van vanille combineert goed met de romige smaak van eidooier.

Omeletteschuim geeft een schuim met geringe stabiliteit dat alleen geschikt is als schroeischuim. Door de toevoeging van eidooiers kan het ook niet lang worden bewaard. Dit schroeischuim kan bijvoorbeeld worden verwerkt in de volgende producten:

Omelette Siberiënne
Omelette Vesuvius