Een product van korstdeeg (bladerdeeg) is tijdens het bakproces gekrompen of sterk vervormd. Mogelijke oorzaken hiervoor zijn:

  • Het korstdeeg heeft onvoldoende rust gehad. Tijdens het rusten krijgen de gluten in het deeg de kans zich te ontspannen. Tijdens het rusten ontkoppelen de bindingen. Deze losse verbindingen kunnen gemakkelijk nieuwe koppelmogelijkheden zoeken en vormen dan ook nieuwe verbindingen. Bij het bakken staat er minder spanning op het deeg waardoor het product minder snel zal krimpen of vervormen. Laat het deeg langer rusten tussen de toeren en ongeveer 30 minuten voor het bakken.
  • Het korstdeeg is te stijf. Er is te weinig water aan toegevoegd. Dit zorgt voor een te stijf deeg wat niet voldoende kan werken. Pas het watergehalte aan in het recept.
  • Het korstdeeg is teveel in een richting getoerd. Door telkens dezelfde richting op te toeren wordt het deeg maar in een richting uitgerekt. Bij het bakken zal dit gaan krimpen. Door elke halve toer het deeg een kwartslag te draaien, wordt het deeg gelijkmatig naar alle kanten gerekt.