Amandelstaven en andere gevulde korstdeegproducten kunnen scheuren tijdens het bakken. Mogelijke oorzaken hiervoor zijn:

  • Er zijn teveel deegrestanten gebruikt. In een korstdeeg (bladerdeeg) kunnen stukken overgebleven korstdeeg worden verwerkt. Deze stukken moeten ingevouwen en meegetoerd worden. Restanten zijn al dunner uitgerold, wat een negatieve invloed kan hebben op het deeg. Gebruik niet te veel restanten.
  • De deegrestanten zijn niet goed aangebracht in het korstdeeg. De restanten moeten in het korstdeeg worden ingesloten zodat deze zo goed mogelijk worden opgenomen.
  • Het korstdeeg is te vochtig tijdens het inrollen. Het te veel aan vocht kan te veel stoom veroorzaken tijdens het bakken. Dit kan scheuren in het deeg veroorzaken. Gebruik niet teveel vocht bij het sluiten van de naad.
  • Het deeg is te droog. Er ontstaat korstvorming waardoor het deeg bij het bakken kan scheuren. Dek het deeg af met plastic om uitdroging te voorkomen.
  • Het ongebakken product heeft te warm gerust, waardoor kan het deeg uitdrogen. Laat het deeg op een koele plaats rusten.
  • De naad is opengescheurd. Plaats het product met de naad naar beneden op de bakplaat. Zwaartekracht zorgt ervoor dat de naad niet openscheurt.