Een cactusvijg, ook bekend onder de namen woestijnvijg of vijg van Barbarije, is de vrucht van de cactussoort Opuntia ficus-indica. De vrucht groeit in het Middellands Zeegebied, Midden- en Zuid-Amerika en Zuid-Afrika en wordt geïmporteerd naar Nederland. In de zomer en herfst zijn cactusvijgen uit het Middellands Zeegebied verkrijgbaar, terwijl de cactusvijgen in de winter en lente afkomstig zijn uit Midden- en Zuid-Amerika.

Wanneer de geeloranje bloemen op de cactus zijn uitgebloeid, vormt zich op de plek van de bloem de vrucht. De vruchten zijn eivormig en 7-10 centimeter groot. De kleur van de schil verandert tijdens het rijpen van geelgroen naar oranjerood. De schil bevat kleine weerhaakjes die de huid kunnen irriteren. Het sappige, waterrijke vruchtvlees heeft een oranje kleur en bevat harde, zwarte pitjes. Deze kunnen worden gegeten, maar zijn minder aangenaam. De smaak van het vruchtvlees is zoetzuur en heeft wat weg van een peer.

De cactusvijg kan zoals ander fruit, bijvoorbeeld peer of mango, in brood- en banketproducten worden verwerkt. Bij voorkeur wordt hierbij wel de pitjes verwijderd, omdat dit minder prettig is bij het eten van de vrucht. Door het sappig vruchtvlees is het geschikt te gebruiken als puree en sap.