Vet is een voedingsstof die in de bakkerij te vinden is in ingrediënten zoals roomboter, margarine en diverse soorten olie. Vet is opgebouwd uit vetzuren. Vet is altijd een mengsel van verzadigde en onverzadigde vetzuren. In de praktijk noemen we deze vetzuren verzadigd vet en onverzadigd vet.

Verzadigd vet zit veel in dierlijke producten, zoals vet vlees en volle melkproducten en volvette kaas. Vet dat zacht of vloeibaar is bij kamertemperatuur bevat veel onverzadigd vet, bijvoorbeeld vloeibare boter en margarine in een kuipje. Ook vis en noten bevatten veel onverzadigd vet.

Het verschil tussen verzadigde vetzuren en onverzadigde vetzuren zit in de samenstelling. Vetzuren bestaan over het algemeen uit koolstofatomen (C) met daaraan gebonden waterstofatomen (H). Wanneer alle bindingen van het koolstofatoom bezet worden door waterstofatomen, wordt een vetzuur verzadigd genoemd. Wanneer dat niet het geval is, wordt er tussen twee koolstofatomen een dubbele binding gemaakt en is er nog ruimte over om een andere stof, zoals waterstof, te binden. Deze vetzuren noemen wij onverzadigd.

Alle vetten en oliën bevatten zowel verzadigde als onverzadigde vetzuren.