Rabarber (Rheum rhabarbarum) is een plant uit de duizendknoopfamilie die wordt gekweekt vanwege zijn eetbare delen. Het is een groente, ook al wordt het veel voor zoete bereidingen gebruikt. De plant heeft een houtachtige wortel, dikke bladstelen en grote bladeren. Van de plant zijn alleen de bladstelen eetbaar. De bladeren bevatten veel oxaalzuur, wat giftig is. De kleur van deze bladstelen varieert van groen tot rood, waarbij de kleur de zuurtegraad van de bladstelen bepaalt. Een groenere bladsteel heeft een zuurdere smaak, terwijl een dieprode bladsteel zoeter is.

Rabarber wordt al meer dan 5000 jaar geteeld, waarbij het vroeger voornamelijk als medicijn werd gebruikt. Het gewas komt van oorsprong uit Azië, waar een sterk purgeermiddel uit de wortel wordt gewonnen. Omstreeks 1600 werd in Engeland ontdekt dat de bladstelen ook eetbaar waren. Pas in de 18e eeuw kreeg rabarber een grotere bekendheid. In Nederland vindt de teelt plaats vanaf 1900.

Rabarber is verkrijgbaar in de late lente en zomer. Het heeft een zure tot zoete smaak en kan zowel met zoete als hartige smaken worden gecombineerd. Rabarber kan zowel warm als koud worden gegeten. Het wordt vaak gekookt, gepocheerd, gepureerd of bereidt als compote of moes.