Na het opspuiten van macarons moeten deze een tijd rusten zodat er zich een huidje kan vormen. Dit huidje zorgt ervoor dat er zich een voetje kan trekken tijdens het bakken. Tijdens het rusten vloeit het beslag lichtelijk uit. Wanneer het waterig wordt of te veel uitvloeit tijdens het rusten, geeft dit aan dat het beslag te dun was op het moment van opspuiten.

Mogelijke oorzaken zijn:

  • Het eiwit is onvoldoende opgeklopt. Eiwitten die onvoldoende zijn opgeklopt, zullen zorgen voor een slap kookschuim en daarmee een slap beslag. Het kookschuim is voldoende opgeklopt wanneer er stevige pieken zijn ontstaan. 
  • Er is te veel vloeibare kleurstof toegevoegd. De verhouding tussen natte en droge delen is hiermee verstoord, waardoor een waterig beslag kan ontstaan. Gebruik poederkleurstof of pas het recept aan.
  • Het macaronbeslag is te lang of te stevig gemengd. De lucht die in het kookschuim wordt geslagen, zorgt voor de stevigheid van het beslag. Door het lang of stevig mengen wordt de lucht uit het beslag geslagen en zal het beslag slapper worden. Meng het beslag niet te lang, maar totdat deze homogeen is en de consistentie van lava heeft.